We boetseren een mortier (vijzel) en schilderen
die met pastelverf of parelmoerverf.
Die mag dan ook in ons museum.
Een mortier gebruiken wij om kruiden fijn te malen.
Er hangt een gevoelsmeter in onze klas.
Hoe voel ik mij nu?
Ben ik blij, boos, verdrietig of bang?
Ik kan goed blij kijken.
Zo kijk ik boos.
Als ik verdrietig ben
hangt mijn lip een beetje naar beneden.
Soms komen er tranen, niet altijd.
Mijn ogen en mond worden heel groot
als ik bang ben.
Verlegen...
Ja, dat is ook een gevoel.
Deze week mogen we ons masker opzetten.
We mogen eens doen alsof we ons anders voelen.
Iedereen maakt een gevoelsmeter om mee te nemen naar huis.
Een witte strook krijgt kleur door te stempelen
met een flessendop en verf.
Op die strook willen we 4 gezichten.
Eén moet blij kijken, de ander boos, dan nog één verdrietig
en de laatste bang.
We knippen 4 cirkels uit roos glanspapier.
Klaar!
Of toch niet.
We moeten de gezichten nog tekenen.
Twee ogen, een neus en een mond.
We kijken heel goed naar onze mimiek en tekenen deze na.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten